Geboren in 1924 te Brussel (België), overleden in 1976 te Keulen (Duitsland).
Als vooraanstaande figuur van de Europese conceptuele kunst neemt Marcel Broodthaers een unieke plaats in binnen de kunstgeschiedenis van de tweede helft van de twintigste eeuw. Dichter voordat hij kunstenaar werd, ontwikkelt hij een oeuvre dat nauw verbonden is met taal, literatuur en de mechanismen van representatie.
In 1964, op veertigjarige leeftijd, luidt hij symbolisch zijn artistieke loopbaan in door de onverkochte exemplaren van zijn dichtbundel Pense-Bête in gips te gieten, waardoor de tekst bijna onleesbaar wordt. Dit gebaar markeert het begin van een voortdurende reflectie over de relatie tussen woord en beeld, object en betekenis.
Broodthaers gebruikt alledaagse, onmiddellijk herkenbare materialen — met name mosselschelpen en eierschalen — die hij omvormt tot sculpturen, assemblages en installaties. Achter hun schijnbare eenvoud bevragen deze werken de waarde die door de kunstenaar, het museum en de kunstmarkt aan objecten wordt toegekend.
In 1968 sticht hij, in zijn eigen huis in Brussel, het fictieve Musée d'Art Moderne, Département des Aigles, een emblematisch project waarin hij de codes van het museum, de tentoonstelling, de classificatie en het culturele gezag naar zijn hand zet. De adelaar, alomtegenwoordig symbool in dit imaginaire museum, wordt een van de instrumenten van zijn kritische reflectie op de macht van beelden en instellingen.
Zijn oeuvre verenigt zo poëzie, humor, ironie en filosofische reflectie. Films, foto's, objecten, industriële platen, teksten en installaties vormen een artistieke taal waarin woorden nooit louter dienen om beelden te verklaren, en beelden zich nooit tot één interpretatie laten herleiden.
Marcel Broodthaers, overleden in 1976, wordt vandaag beschouwd als een van de meest invloedrijke kunstenaars van zijn generatie. Zijn werk heeft de conceptuele kunst diepgaand beïnvloed en blijft de hedendaagse reflectie voeden over de rol van de kunstenaar, het museum en de taal in de totstandkoming van het kunstwerk.
« L'idée enfin d'inventer quelque chose d'insincère me traversa l'esprit. »
Marcel Broodthaers, uitnodigingskaart, 1964